Overschot op het bijstandsbudget in 2021

In 2021 was er sprake van een overschot op het bijstandsbudget. De Nederlandse gemeenten hielden €260 miljoen over op het landelijk bijstandsbudget.

Overschot op het bijstandsbudget

Na aftrek van de kosten voor de vangnetregeling 2019 (13,8 miljoen) blijft er nog 246 miljoen over. Dit is 3,8% van het macrobudget. Het overschot is iets lager dan in 2020. Toen was het overschot 4,3% was.


Bijstandsbudget 2021

Aanvankelijk nam het aantal mensen met een bijstandsuitkering toe in 2020. In 2021 nam dat al snel weer af en eind 2021 lag het aantal bijstandsgerechtigden lager dan eind 2019. Het definitieve bijstandsbudget kwam hiermee voor 2021 op €6.385 miljoen.

Landelijk bijstandsbudget

Het landelijk bijstandsbudget wordt ook wel aangeduid met de term BUIG budget. Dit is het macrobudget voor de bijstand. Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor het beleid rondom de bijstandsuitkeringen en de loonkostensubsidie. Het Rijk stelt jaarlijks een macrobudget vast dat wordt verdeeld onder de gemeenten. Dat budget is ongeoormerkt. Als er een overschot is, mag een gemeente dat vrij besteden. Is er een tekort, dan moet de gemeente dat zelf opvangen. Gemeenten met grote tekorten kunnen een de vangnetuitkering.

Twee opvallende zaken

Twee dingen vallen op als we kijken naar het bijstandsbudget van 2021. Zoals gezegd ligt het landelijk overschot in 2021 in vergelijking met 2020 lager. Daarnaast valt op dat meer gemeenten een tekort heeft. Over 2020 had 21% van de gemeenten een tekort. Over 2021 had 28% een tekort. Dit komt omdat de budgetten en uitgaven van gemeenten niet perfect op elkaar aansluiten. SZW is een onderzoek gestart om te kijken hoe dat komt.

overschot op het bijstandsbudget

Vangnetuitkering

Gemeenten mogen overschot op het bijstandsbudget zelf houden. Daartegenover staat dat als er een tekort is, de gemeenten dat zelf moeten opvangen. Is het tekort meer dan 7,5 procent dan kan een beroep worden gedaan op vangnetuitkering. Als het tekort tussen de 7,5 en 12,5 procent bedraagt, komt het tekort voor de helft voor rekening van de gemeente zelf. De andere helft wordt vanuit de vangnetuitkering betaald. Bij tekorten boven de 12,5 procent wordt het tekort volledig vergoed via de vangnetuitkering. Om in aanmerking te komen voor een vangnetuitkering moet een gemeente niet alleen in 2021 te maken hebben gehad met een tekort van 7,5%, maar moet ook het cumulatief tekort over de 3 voorgaande jaren meer dan 7,5% zijn. In 2021 kwamen 13 gemeenten mogelijk in aanmerking voor die vangnetuitkering. Dit aantal is iets hoger dan vorig jaar maar nog steeds lager dan voorgaande jaren.

Bronnen: Budgetoverzicht vanaf 2004 – informatie voor gemeenten, Divosa, Sociaal Web

Deel dit bericht:

Plaats een reactie